Montag, 22. Juli 2013

Payrolling of uitzendbureau?

Studenten uitzendbureau en payrolling rukt op in Nederland
Bij payrolling geeft een bedrijf zijn juridisch werkgeverschap uit handen, waarbij werknemers in dienst treden van een payrollorganisatie. Bij een studentenuitzendbureau gaat het hoogwaardige kandidaten met high potential. De administratieve verplichtingen en financiële risico’s van het werkgeverschap zijn voor de payrollonderneming. Het bedrijf – de opdrachtgever – is wel zelf verantwoordelijk voor de werving, selectie en begeleiding van werknemers. Payrolling vormt voor opdrachtgevers een manier van administratieve en arbeidsrechtelijke taken op een eenvoudige wijze uit te besteden. Meestal geldt een exclusiviteitsbeding. Het payrollbedrijf mag de medewerkers niet tewerkstellen bij andere bedrijven, tenzij er sprake is van ontslag of re-integratie. Bij payrollen gaat het vaak om een langdurige relatie tussen werkgever en werknemer.
Hoe is payrollen geregeld?
De payrollbranche kent een eigen brancheorganisatie: de Vereniging voor Payrollondemeningen (VPO), die vijftig procent van de payrollmarkt organiseert. VPO-leden onderscheiden zich in positieve zin door payrollmedewerkers altijd vanaf dag één dezelfde arbeidsvoorwaarden te geven als werknemers die onder de CAO van de opdrachtgever vallen. Dat is geregeld in de eigen Arbeidsvoorwaardenregeling. De payrollovereenkomst valt onder de definitie van de uitzendovereenkomst (artikel 7:69o BW). Payrollbedrijven kunnen dus ook bij brancheorganisaties van de uitzendsector aangesloten zijn, de ABU ofNBBU. In dat geval geldt de betreffende CAO voor Uitzendkrachten. Is een payrollbedrijf geen lid van een branchevereniging, dan moet dat bedrijf - tijdens algemeenverbindendverklaring de ABU-CAO toepassen. Enkele payrollbedrijven hebben een eigen cao met een vakbond afgesloten.

Wat betekent dit voor de arbeidsvoorwaarden en sociale verzekeringen?
De arbeidsvoorwaarden van payrollmedewerkers hangen af van de vraag of zij onder de ABU, NBBU of andere CAO vallen of onder de Arbeidsvoorwaardenregeling van de VPO. Maar over het algemeen kan gesteld worden dat bij bonafide ondernemingen de arbeidsvoorwaarden fatsoenlijk zijn geregeld. Payrolllerachten zijn daarnaast gewoon verzekerd voor ziekte, arbeidsongeschiktheid en de WW. Bovendien wordt er na 26 weken pensioen opgebouwd; bij de VPO gebeurt dit al na twee maanden. Op basis van de Arbowet is de inlener verantwoordelijk voor de arbeidsomstandigheden van de werknemers.

Waarom maken werkgevers u gebruik van payrollen?
Volgens cijfers van EIM uit 2010 werken er zo'n 144000 werkmers op payrollbasis. Dat gebeurt vooral in de horeca, bij de overheid en in het onderwijs. Verreweg de grootste groep (72%) werkt in een MKB-bedrijf, dit geld vaak ook voor uitzendkrachten. Uit hetzelfde onderzoek blijkt dat werkgevers om meerdere redenen gebruikmaken van payrolling: de behoefte aan flexibiliteit; de vereenvoudiging van de salaris- en personeelsadministratie en het voorkomen van financiële risico’s bij bijvoorbeeld ziekte en ontslag.


Het nieuws van morgen: 3/12 wordt nationale dag tegen NMBS-personeel

Het nieuws van morgen: 3/12 wordt nationale dag tegen NMBS-personeel

Uitzendbranche is een geaccepteerd instituut

De rol van de vakbond is minder groot, dan de vakbonden zelf geloven. De meeste jongeren hebben niets met de vakbond en de uitzendbranche is veel belangrijker om serieus genomen te worden. In Nederland zijn uitzendbureaus aangesloten bij de ABU of NBBU. De ABU is doorgaans voor de grote organisaties en de kleinere vallen onder de NBBU. Dit geldt ook voor een studenten uitzendbureau. Toch kent de branche vele vage constructies die via het buitenland lopen. De uitzendbranche vraagt de overheid om op te treden deze schijnconstructies. Minister Asscher beloofde begin dit jaar al maatregelen te zullen nemen. Alleen blijkt ingrijpen niet echt eenvoudig. Je hebt namelijk niet alleen te maken met de Europese regelgeving, maar ook met de toepassing van de wet in verschillende landen. De A1-verklaring die landen afgeven voor de continuering van de verzekeringsplicht ligt aan de basis van het probleem. Om schijnconstructies te voorkomen dient een correcte verstrekking uitgewerkt om te bepalen aan welk land de sociale verzekeringspremies moeten worden betaald. In sommige landen, hoofdzakelijk Oost-Europese en Cyprus, wordt een verklaring makkelijk of onterecht afgegeven. Hierdoor ontstaan de schijnconstructies. In de praktijk zorgt dit voor een onrechtmatig gebruik van premiedrukkende voorzieningen in het land waar het uitzendbureau is gevestigd. Om het probleem aan te pakken moeten alle lidstaten bereidwillig zijn. Ondertussen kan nationaal worden gestart met het aanpakken van uitwassen. Dit kan op verschillende niveaus in samenwerking met de bestaande instanties. Hierbij wordt medewerking gevraagd van de Belastingdienst, Arbeidsinspectie, KvK en SNCU. Sinds 2012 moeten uitzendbureaus zich registreren. Dat moet wel goed gebeuren. Als je de wetgeving van Polen goed kent, loopt een constructie morgen bij wijze van spreken via Roemenië. De nationale aanpak is volgens alle bekende specialisten een kwestie van prioriteiten stellen en politieke daadkracht. Het kosten tenslotte mankracht en geld. Door het niet aan te pakken ontstaat er valse concurrentie binnen de Europese markt.